Watkyne

Afgelopen weekend (1 t/m 4 oktober 2015) werd dan de eerste bucket-list-reis gemaakt. De eerste dag naar Ellezelles (nummer 9 op de bucket list), waarover verslag in deze blog. Het tweede deel naar Fontainebleau volgt binnenkort.
Uitgebreidere informatie, links, foto’s, video’s e.d. over deze bijzondere plek onderaan.

Op de site van Henk van Es las ik dat een plek in Ellezelles, zo’n beetje in Zuid België, op de grens Wallonië/Vlaanderen, niet alleen te bezoeken is, maar dat dit voormalige woonhuis van een outsider-kunstenaar sinds kort ook als gite aangeboden wordt. Dat leek me wel wat, om in en bij een serie follies te verblijven en te slapen. Gevestigd op Paradis 17.
Heel bijzonder was dat inderdaad. We verbleven in het huis van Jacques Vandewattyne (1932-1994), leraar en autodidactisch kunstenaar die zich vooral richtte op wat hij (in een manifest uit 1974) Folk Art noemde, ontleend aan de plaatselijke folklore en geschiedenis van o.a. heksenverbrandingen. Inmiddels ging hij zich Watkyne noemen, Zadkine parafraserend. Door zijn beelden, schilderijen en keramiek en jaarlijkse evenementen daaromheen (zoals een carnevaleske Heksensabbat eind juni) wist hij Ellezelles op te stuwen in de vaart der (toeristische) volkeren. Het hele dorp is vergeven met afbeeldingen, poppen enz. van heksen, duivels, zwarte katten, groene bokken en ga zo maar door. Ook in het huis zijn ze te vinden. Overigens zijn enkele kamers en de keuken opgeknapt, zodat het er goed verblijven is, maar veel van de oorspronkelijke inrichting is er nog te vinden, zoals de foto’s hieronder van keramiek, beschildering van  de wc-deur laten zien.

Huis2

Huis1

 

 

 

 

 

 

 

Nog bijzonderder is de tuin achter het huis, waarin allerlei bouwsels, ateliers, follies, beelden en wat al niet te vinden zijn. Langzamerhand is een groot deel van de objecten overwoekerd of aan het vergaan. Het lijkt me een hele klus voor de familie om zoiets te onderhouden en in goede staat te houden.
Tuin1Tuin2

 

 

 

 

 

 

 

Tuin4
Spannende kinder-speelhuisjes

Tuin3

 

 

 

 

 

 

 

Tuin5
Wedergeboren door Dolores…

 

 

In die tuin zouden we nog wel een tijdje langer hebben willen ronddolen, zo’n overdaad aan beelden, keramiek en follies. Te veel om allemaal in een paar korte bezoeken op te nemen.

 

 

Tuin7
Tuin8

 

 

Maar er is meer, want Watkyne heeft een groot deel van zijn beelden willen delen met de plaatselijke bevolking door de aanleg van het ‘Pad der geheimzinnigheid’, een niet-alledaagse wandeling van 6 km door de mooie heuvelstreek rond Ellezelles. Uit de grote folder met plattegrond en toelichting op de tientallen beelden langs deze route: “Jaren heb ik van dit artistieke en folkloristische ongewone pad gedroomd: beelden neerzetten in de volle natuur, langs een pad.” Het werd in 1984 opengesteld en is nog steeds redelijk goed onderhouden, alhoewel ook hier blijkt hoe moeilijk is om beelden van schuim, kippengaas en cement over de tientallen jaren goed te houden. Vooral de beelden van metaal-afval lijken onaangetast. De wandeling is te koop bij de plaatselijke VVV, en ook als je niet in het huis wilt/kunt verblijven de moeite waard.

Pad1Pad2

 

 

 

 

 

 

 

Pad3

Pad4
En als je aan het einde van je wandeling zin mocht hebben in een portie echte Vlaamse frieten, ga dan naar de frituur op het kerkplein van Ellezelles. Neem de kleinste portie! Wij namen – niets vermoedend – twee keer een ‘medium’ waarmee per portie zeker een gezin met drie kinderen in de puberteit gevoederd had kunnen worden.

Meer informatie

Europa bucket list – 3 – (eerste pagina)

Grappig, de vergankelijkheid van de plekken waarnaar ik op zoek ben past goed op dit blog. Als er iets eindig is, dan zijn het wel de outsider-art plekken waar we naar op zoek en door gefascineerd zijn.
Vandaag plaats ik hier de eerste pagina van de Europa bucket list met de bedoelig er nog velen te laten volgen. Met als toelichting:

  • Europa is groot, ik begin met Nederland, België en Frankrijk, in omgekeerde volgorde, omdat we dit najaar voor een langere tijd naar Frankrijk hopen te reizen.
  • De lijst bestaat uit genummerde ‘plekken’ in de volgorde dat ik ze vind. Elk nummer krijgt een geel stickertje op de kaart van Europa, zodat – als we naar of in een bepaalde streek zijn – plekken makkelijk gevonden kunnen worden, zonder daar nog (af en toe best ingewikkelde) reseach te doen.
  • Bij elke plek staat een korte omschrijving en nuttige informatie, verder zonder extra’s en foto’s. Die is (bijna altijd) te vinden via de genoemde links of boeken.

Als bronnen gebruik ik vooralsnog:

  • Het eerder genoemde boek Follies (1995) van Wim Meulenkamp voor Nederland en België
  • Fantasy Worlds (1999) van Deidi von Schaewen & John Maizels, een dik fotoboek met meer dan honderd uitgebreide beschrijvingen plus prachtige foto’s van over (bijna) de hele wereld. Er zijn verschillende versies van dit boek, ook een van 2007, dat ik niet heb.
  • Op internet is ook veel te vinden. Twee sites springen er voorlopig uit. Outsider Environments Europe van de Amsterdammer Henk van Es. Ongelofelijk wat die man allemaal bij elkaar heeft weten te zetten. Mooi overzichtelijk, op allerlei manieren te benaderen met goede teksten, foto’s en verwijzingen naar een ‘mer à boire’ aan sites, boeken en artikelen. Plus Facebook en Flickr pagina’s.
  • Spaces, met bijna 600 plekken wereldwijd die redelijk goed gedocumenteerd zijn. Bijzonder is dat hier ook op kaarten gezocht kan worden, waar uit blijkt dat deze site lang niet zo compleet is als de eerstgenoemde, zeker niet voor Frankrijk.
  • Overigens beging ook duidelijk te worden dat internet een onuitputtelijke bron is op dit gebied. Zo ontdekte ik net (om maar eens iets te noemen): Zaans Groen, met heel bijzondere tuinen, parken en wat al niet meer.

En hier is ie dan, Pagina 1 van de Europa bucket list.

Europa bucket list – 2

Eerst zal ik maar eens proberen te omschrijven wat er op die Europese bucket list gaat komen.
Sinds een paar jaar ben ik lid van de DonderbergGroep, die zich (zoals ze zelf omschrijven) richten op follies, tuinsieraden en vermaaksarchitectuur. Zeg maar gekke, fantasierijke bouwsels in en om tuinen.
Ik had eerder kennis gemaakt met follies door het boek Follies, bizarre bouwwerken in Nederland en België, door de voorzitter van die club: Wim Meulenkamp. Een leuk boek, bijzonder geschreven, met (per provincie) flinke aantallen van die follies, tuinsieraden en bouwsels. Hanneke en ik hebben er al menigeen bezocht, soms ook met teleurstellend resultaat, want het boek is twintig jaar oud. Het lot van veel follies is dat ze de tand des tijds niet overleven. Daarvoor zet de DonderberGroep zich ook in, inventarisatie, behoud, conservatie en restauratie. Op hun site is (o.a. bij Fotozoeker) al heel veel te vinden, vooral in Europa.

Door aan excursies mee te doen en door het lezen van het blad PorteFolly zijn Hanneke en ik er inmiddels achter dat maar een deel van die follies ons vooral interesseert. Follies zijn vaak aangelegd in tuinen van rijke lieden, een tempeltje, een grot, een torentje etc. Wel aardig, maar eigenlijk toch vrij ‘gewoon’, want ontworpen door architecten of wat daar voor door moest gaan, en gebouwd door professionals in opdracht van de rijke heren en dames om zo hun tuin te verfraaien en bezoekers te imponeren.
Wij zijn meer gecharmeerd door bouwsels die gemaakt zijn door – vaak – eenzame, vreemde, fantasierijke lieden die hun tuin of huis helemaal veranderen door er van alles in te bouwen, tegenaan te plakken etc. picassietteHet mooiste voorbeeld wat we daarvan tot nu toe gezien hebben is het huis en de tuin van Picassiette in Chartres. Een bijzonder boekje over dit ‘aardse paradijs’ van Picassiette is geschreven door Maarten Kloos: Le paradis terrestre de Picassiette.

Waar ik nu mee bezig ben is om dat soort plekken, waarvan er honderden in Europa zijn, op één kaart aan te geven. Ik ben nog maar net begonnen, vijf plekken staan op de kaart en (genummerd) in een lijst beschreven. Nu ik er eenmaal ingedoken ben, blijken er vele bronnen te zijn, in boeken en op internet, want we zijn zeker niet de eersten die een dergelijke inventarisatie maken.
Doel is om er in de tijd (die ons nog rest…) een flink aantal van te bezoeken.
(wordt vervolgd)

Kaart-Europa

Waarom: het leven is eindig

Gisteren waren we op de verjaardag van Rob Verhoeven (echt niemand die ik ken krijgt meer felicitaties op Facebook dan hij) waar de vraag gesteld werd waarom ik deze site heb gestart. Er staat nog maar weinig op, uit de inhoud is (nog?) niet veel op te maken.

Ja, waarom? Het heeft te maken met:

  • De meeste van mijn mannelijke voorouders heb ik ruimschoots overleefd, zowel van vaders als moeders zijde. Ik leef in reservetijd, zo voelt dat. Ouder worden dan zestig leek me vroeger onmogelijk/onwaarschijnlijk, maar die grens ben ik al lang gepasseerd.
  • Glaser-Strauss-Besef-van-naderende-doodEen boek dat tijdens m’n studie indruk maakte is Het besef van de naderende dood van Glaser en Strauss. Daar is veel over te zeggen, maar een van de bevindingen van dat onderzoek was dat als patiënten met een terminale ziekte niet op de hoogte zijn van hun naderende dood, zij door familie, vrienden en verpleging zo veel mogelijk gemeden worden. Uit angst dat men het ‘geheim’ verklapt of op de een of andere manier laat merken/doorschemeren.
    Wat dat met mij te maken heeft? Ik denk dat het zo gek nog niet is om me bewust te zijn van mijn naderende dood. Familie en vrienden wil ik daar niet mee belasten, maar het onderwerp onder tafel vegen wil ik ook niet.
  • Ik denk gewoon veel aan de dood, dat gaat vanzelf. Niet dat ik er bang voor ben. Wel – als zovelen – voor het lijden daarvoor en de belasting van mijn naasten daarmee.
  • De levensfase waarin ik zit lijkt me heel natuurlijk te leiden naar allerlei bespiegelingen over het verleden, de balans opmaken, ‘rekeningen’ vereffenen, onaffe zaken (nog een keer) oppakken etc.

Dat zo’n beetje. Met de illusie dat ons bestaan maakbaar is heeft het natuurlijk ook te maken…

Europa bucket list – 1

Europese Road MapNu ik de zeventig nader is het misschien tijd om een bucket list te maken. Je weet maar nooit. Er zijn nog wel een paar dingen die ik wil doen, meer oplossen eigenlijk, voordat ik dood ga, maar dit is niet de plaats om daarover te praten/schrijven. Dat moet met de personen in kwestie.

Wel wil ik hier verslag doen van een lijst die ik nu aan het maken ben. Eigenlijk deed ik dat al jaren, maar niet erg systematisch, op allerlei lijstjes en met allerlei foldertjes, krantenknipsels en dergelijke. Maar dat werkte niet echt, want wanneer ik die aantekeningen etc. nodig had, waren ze niet bij de hand. Daar gaat nu verandering in komen.
(wordt vervolgd)

Opruimen…

Zoals ik al jaren weet is opruimen een bezigheid die meestal veel oplevert. Van Hanneke geleerd, dat wel, want oorspronkelijk was het in mijn leven nogal eens een zootje. Nu we in een (kleiner) huis wonen, bleef er toch nog een aardige zolderruimte vol – onverwerkte – zaken over: foto’s, brieven, (documentatie over) kunst, boeken, correspondentie, kindertekeningen en… een paar vreemde verzamelingen.

Camembert-monnikenAls eerste pakte ik de verzameling camembert-doosjes aan. Als Hanneke en ik samen op vakantie gaan (sinds veertig jaar meestal naar Frankrijk) verzamelen we deksels van camembert-doosjes. In eerste instantie waren we gefascineerd door de afbeeldingen van vreemde oude monniken. (Voor de liefhebbers: klik op de foto voor groter formaat.)
Later bleken er meer leuke onderwerpen afgebeeld op die deksels. In de loop der jaren leidde dat tot zo’n vier-vijfhonderd verschillende exemplaren. Het is – als je er eenmaal mee begint – een mer à boire; zelden zul je eenzelfde etiket aantreffen, op enkele grote merken na. Ook zoon Michaël leverde, toen hij in Frankrijk woonde, een substantiële bijdrage, niet alleen met camembert-merken, maar ook met verpakkingen van allerlei andere Franse kazen, na een bezoek aan een drukkerij van kaasetiketten.

Le Musée Tyrosémiophile
Al jaren geleden had ik ruim tweehonderd ervan op acht panelen geplakt en ingelijst, zo’n beetje naar onderwerp gerangschikt. Die panelen hangen nu in het eerste (en ongetwijfeld enige) Nederlandse Camembert Museum, in het halletje van ons huis.
Gratis voor museumjaarkaart-houders en degenen die een camembert-etiket inleveren. Openingstijden op aanvraag.
Ook de niet ingelijste exemplaren en andere merken zijn voor bezoekers in te zien, te bevoelen en beruiken.
Inmiddels is ook duidelijk dat ik niet de enige ben die kaasetiketten verzamelt. In Frankrijk is het een ware hobby, waar duizenden verzamelaars mee bezig zijn. In het Frans heten ze: tyrosémiophiles (kaas-merkteken-liefhebbers). Oude etiketten worden voor grote bedragen verhandeld of verruild.
Er zijn verenigingen, sites, (ruil)beurzen etc. etc. Werkelijk tienduizenden etiketten zijn via internet te bekijken. Een aardige ingang is www.club-tyrosemiophile.fr, waarop beweerd wordt dat daar meer dan 300.000 etiketten te zien zijn. Goed voor uw Frans. Ook zijn er aardige filmpjes over het fenomeen te bekijken. 

Camembert-museum

Geen zorgen voor de dag van morgen

Via via bereiken me berichten dat men zich zorgen maakt om mijn persoontje, omdat ik dit blog begonnen ben. Zie ik het niet meer zitten? Ben ik (weer) depressief? Tweemaal nee! zou ik zeggen. Het is echt niet nodig jullie zorgen te maken, lieve mensen, helemaal niet.

KroniekIk geniet van het leven, met alle ellende die er natuurlijk ook bij hoort. Als je op mijn leeftijd (68, samen met Hanneke 139) bent aangekomen is het echt niet zo gek om je eens (wat serieuzer misschien) bezig te houden met dit onderwerp.
Hoeveel jaar heb ik nog? Als er geen ongelukken gebeuren dan zal dat toch echt – in mijn geval – niet veel meer dan vijftien, twintig jaar zijn. Dat is minder dan een kwart van de tijd die ik al achter de rug heb.

Ik hoop hier af en toe iets zinvols te schrijven. Geen kroniek van een aangekondigde dood.